Ontwikkelingen in het eerste kwartaal 2026
Hogere olieprijzen en beweeglijke markten
Het jaar begon sterk. Aandelenkoersen stonden hoog en de rente bleef stabiel. De verwachtingen voor de economie waren positief. Ook gingen er grote investeringen naar kunstmatige intelligentie (AI). Dat hielp aandelenkoersen stijgen. Spanningen tussen landen zorgden in het eerste kwartaal van 2026 voor onrust op de financiële markten.
Het conflict rond Iran en de blokkade van de Straat van Hormuz duwden de olieprijzen omhoog. Hogere olieprijzen kunnen zorgen voor hogere prijzen in de winkel (inflatie). Daardoor houden consumenten minder geld over.
In onrustige tijden stijgt de dollar vaak in waarde. Dit kwartaal bleef die stijging achter. Beleggers hadden meer twijfels over de economische vooruitzichten van de VS en over het (buitenlands) beleid. Daardoor daalde de waarde van de dollar.
Aan het einde van het kwartaal hielden de Europese Centrale Bank (ECB) en de Federal Reserve (de centrale bank van de VS) de rentes gelijk. Beleggers vroegen ondertussen een hogere vergoeding voor langlopende leningen. Daardoor steeg de rente op die leningen. Obligatiefondsen werden daardoor minder waard.
-
Amerikaanse aandelen bleven achter door zwakkere economische cijfers en politieke onzekerheid. Vooral technologiebedrijven hadden het zwaar. De dollar werd minder waard, waardoor Amerikaanse beleggingen in euro’s minder opleverden. Door het conflict met Iran stegen energieprijzen in de VS. Bedrijven verwachtten daarom ook minder winst en groei.
Europese aandelen deden het beter door dalende rentes en stabielere vooruitzichten dan in de VS. Tot de aanval op Iran waren rendementen positief. Door de hogere energieprijzen werden beleggers daarna minder positief over de winstverwachtingen van Europese bedrijven. Opkomende markten behaalden sterke resultaten, vooral door goede prestaties in Azië. Zuid-Korea en Taiwan vielen positief op. China en India deden het minder goed, maar het totaalrendement blijft goed.
Beursgenoteerd vastgoed in Europa had een positief kwartaal. Vastgoedbedrijven financierden projecten voor een deel met geleend geld en profiteerden van lagere rentes. Koersen stegen in het eerste deel van het kwartaal. Na de aanval op Iran daalden de koersen, maar het rendement bleef positief.
-
Europese staatsobligaties begonnen het kwartaal sterk door lagere marktrentes. Bedrijfsobligaties deden het ook goed, maar iets minder sterk. Door de ontwikkelingen in het Midden-Oosten daalde de waarde. Beleggers vroegen een hogere vergoeding op obligaties. Hierdoor daalden de koersen van deze beleggingsfondsen.
Risicovollere obligaties hadden aan het begin van het kwartaal een klein positief rendement. Vooral obligaties uit opkomende markten profiteerden van de sterke economische ontwikkeling in delen van Azië. Later in het kwartaal daalden deze obligaties door ontwikkelingen in het Midden-Oosten. Daardoor sloot deze categorie het kwartaal af met een negatief rendement.
Deze tekst is bedoeld voor klanten van beleggingsonderneming a.s.r. vooruit.
We mogen je alleen geen beleggings-, pensioen- of fiscaal advies geven.