Home Zakelijk pensioen Duurzame relatie met werkgevers Pensioenakkoord voor veel werkgevers eerder probleem dan oplossing

Pensioenakkoord voor veel werkgevers eerder probleem dan oplossing

03 oktober 2019

Met het pensioenakkoord lijkt er een oplossing te komen voor de huidige problemen rond het pensioenstelsel. Maar is dat wel zo? Deze vraag stond centraal tijdens de a.s.r. kennissessie voor pensioenadviseurs op 2 oktober. Hier vertelden Jeroen Koopmans (LCP) en Arthur Arbouw (a.s.r.) over de geschiedenis van het pensioenakkoord, maar theoretiseerden ook over de implicaties van een nieuw stelsel. Het pensioenakkoord dateert alweer van 5 juni, maar de kennissessie bleek voor velen een eye opener. Want het huidige pensioenakkoord is - in tegenstelling tot wat veel mensen denken - geen oplossing voor alle werkgevers. 

Problemen binnen het oude pensioenstelsel

Wat ik me afvraag, is of het pensioenakkoord een echte oplossing is voor de problemen die het kabinet en de werkgever- en werknemer organisatie geschetst hebben. Dit zijn, in het kort, de problemen waarmee we in het huidige pensioenstelsel te maken hebben:

  1. Het huidig stelsel is te gevoelig voor de (lage) rente
  2. Risico’s tussen de verschillende deelnemers worden niet eerlijk verdeeld
  3. Het huidige stelsel past niet meer bij de dynamische arbeidsmarkt
  4. Het huidige stelsel is niet geschikt voor het bieden van keuzemogelijkheden en maatwerk
  5. Het huidige stelsel is te complex/onbegrijpelijk voor deelnemers

Problemen pensioenakkoord vooral herkenbaar voor fondsen

Op zich niet gek dat de bezoekers van de kennissessie deze problemen niet direct herkenden. Deze problemen komen namelijk vooral voor bij pensioenfondsen. De pensioenregelingen die uitgevoerd worden door verzekeraars zijn grotendeels Defined Contribution (DC) regelingen. Werkgevers die vrije keuze hadden over waar, en hoe, ze pensioen wilden regelen, hebben bovengenoemde problemen al eerder opgelost met hun adviseurs. Uiteraard wilden deze werkgevers de pensioentoezegging betaalbaar houden. Hun werknemers hebben daar keuzevrijheid en begrijpelijkheid voor terug gekregen. Je kunt dus wel stellen dat het huidige pensioenakkoord eigenlijk een ‘pensioenfondsenakkoord’ is.

Individuele DC-regeling als norm

De oplossing die het pensioenakkoord schetst, is dat iedereen overgaat naar een DC-regeling, waarbij iedereen ook hetzelfde percentage aan premie ontvangt. Naar schatting hebben 40 tot 50 duizend werkgevers - met ca. 1,5 miljoen werknemers - al een DC-regeling. Dit is echter nu op basis van een staffel, waarbij de premie oploopt naarmate de deelnemer ouder wordt. Logisch, want de premie wordt belegd. En als je dichter bij de pensioendatum komt, is je de beleggingshorizon korter en heb je dus minder tijd om rendement te maken. Overgang naar een flat rate betekent dat deze regelingen allemaal moeten worden aangepast.

Deze aanpassing heeft als gevolg dat jongeren meer pensioen krijgen en de ouderen (van nu) minder. Deze tweede groep moet (en gaat) dus gecompenseerd worden. Maar het probleem zit hem ook in de middengroep (35- tot 45-jarigen). In het begin van hun werkzame leven is weinig premie betaald (zoals bij een staffel hoort). Binnen het oude stelsel zou de premie tot pensioenleeftijd oplopen - iets dat binnen het nieuwe stelsel niet meer kan. Omdat de stijgende premie aan het einde ontbreekt, ontstaat een tekort. Ik vraag me dus ten zeerste af hoe beide groepen gecompenseerd gaan worden. Deze compensatie komt namelijk niet uit de financieringsbronnen die in het pensioenakkoord genoemd worden. Want die zijn van toepassing op pensioenfondsen, en niet op rechtstreeks verzekerde regelingen. 

De werkgevers – met een verzekerde DC-pensioenregeling op basis van een staffel – krijgen, afhankelijk van de toezegging en deelnemersbestand, door het pensioenakkoord op de korte termijn dus te maken met:

  1. Een intensief traject voor het wijzigen van hun pensioentoezegging
  2. Zware verhoging van de pensioenkosten vanwege de compensatie
  3. Werknemers die wellicht niet meer weg willen/kunnen vanwege deze compensatie

Werknemers misschien wel de dupe

In het algemeen kunnen oplossingen voor problemen die er niet zijn, niet op veel draagvlak rekenen. Bij veel kleine bedrijven is het draagvlak om überhaupt een pensioenregeling toe te zeggen al broos. Het huidige pensioenakkoord, met de compensatie als gevolg, kan voor (kleine) bedrijven met een verzekerde regeling de nekslag zijn. Zij kunnen besluiten af te zien van de pensioentoezegging. Dit staat voor mij haaks op het plan van minister Koolmees, om het aantal werknemers zonder pensioentoezegging (‘witte vlekken’) terug te dringen. Zoals het er nu uitziet, kan de werknemer op de korte termijn nog wel eens de dupe worden van dit pensioenakkoord. Voorkomen is tenslotte beter dan genezen, want als we niets doen voor deze groep, vrees ik dat de pensioenplicht alsnog in de toekomst gaat komen.

Overgangsmaatregelen oplossing voor financieringsprobleem

Een terechte vraag die leeft binnen de pensioenwereld: ‘Waarom? Wij hadden toch geen probleem?’ Juist. Het enige probleem dat sommige werkgevers hebben, zijn de complexe fiscale regels ten aanzien van DC-regelingen. Ik ben van mening dat de commissies en stuurgroep die het pensioenakkoord verder uitwerken, eens kritisch naar deze groep met verzekerde regelingen moeten gaan kijken. Waarom bijvoorbeeld niet naast een maximaal percentage, ook een maximale marktrentestaffel aanbieden? Desnoods als overgangsmaatregel.

Pensioen

Meer verhalen over Pensioen